Vijf tips waarmee je plezier krijgt in presentaties – en je publiek ook

Krijg weer plezier in presentaties

 

Presentaties geven is lang niet voor iedereen iets om naar uit te kijken. Voor sommigen is het zelfs iets om tegenop te zien. Toch kan presenteren ook iets zijn om plezier aan te beleven. Als je dat eenmaal hebt ervaren, wordt het eigenlijk alleen nog maar leuker. Klinkt dat te mooi om waar te zijn? Wij zetten vijf gouden tips op een rij waarmee jij ook plezier krijgt in presentaties.

1. Maak contact met je publiek

Het belangrijkste bij het overwinnen van spreekangst is het besef dat jij en je publiek geen tegenstanders zijn. Een presentatie wordt pas echt interessant als het (deels) een gesprek is. Verwelkom je luisteraars en vertel wie je bent. Maak oogcontact en stel vragen, vanaf het allereerste begin (Ben ik goed verstaanbaar? Heeft iedereen het goed kunnen vinden?) tot het laatste vragenrondje.

 

Die vragen hoeven niet altijd persoonlijk door iemand in het publiek beantwoord te worden. Je kunt ook vingers laten opsteken of mensen even de gelegenheid geven om over een gestelde vraag na te denken, om daarna zelf het antwoord te geven. Ook een opmerking als: “Ik zie sommige mensen al knikken…” kan een link zijn tussen een vraag en de rest van je verhaal.

 

Contact met je toehoorders houdt de aandacht bij je verhaal en geeft jou momenten waarop je even niet hoeft te praten, maar alleen hoeft te luisteren of een stilte kunt laten vallen. Wees niet bang voor vragen die je niet kunt beantwoorden: bedenk van tevoren wat voor vragen je kunt verwachten en wat je gaat zeggen op vragen die je echt niet kunt beantwoorden.

2. Houd het natuurlijk en persoonlijk

Het is natuurlijk belangrijk dat je goed voorbereid bent en duidelijk spreekt. Maar als je je verhaal woordelijk uit je hoofd leert en als een robot opdreunt, raak je de aandacht van je publiek snel kwijt. Bovendien valt het niet mee om lange lappen tekst uit je hoofd te leren en je loopt het risico dat je vastloopt als je een stuk vergeet.

 

Daarom is het beter om je presentatie te geven alsof je een praatje met iemand maakt. De grote lijnen van het verhaal heb je helder voor ogen en houd je eventueel in de vorm van steekwoorden op papier bij de hand. Maar wat betreft de precieze bewoordingen kun je improviseren. Net als in een gewoon gesprek praat je daarbij niet te zacht en niet te hard, niet te snel en niet te langzaam. Je varieert met je intonatie en laat af en toe een stilte vallen. Je taalgebruik past bij degene met wie je praat en je gebruikt niet onnodig ingewikkeld taalgebruik. Met af en toe een persoonlijke of komische noot houd je het luchtig. Dat lijkt veel om op te letten, maar je doet het dagelijks als je gewoon een praatje met iemand maakt.

3. Gebruik lichaamstaal

Ook je lichaamstaal moet zo natuurlijk mogelijk zijn. Laat je gezichtsuitdrukking en gebaren meegaan met wat je zegt – dat doe je in je dagelijkse taalgebruik ook. Heb je last van zenuwen? Controleer dan af en toe of je niet met je handen staat te wringen of je schouders optrekt. Zorg dat je letterlijk stevig staat – dan sta je verder ook steviger in je schoenen. Maar blijf niet de hele tijd op één plek staan: bewegen maakt je presentatie dynamischer en voorkomt dat je gaat friemelen met een pen of je kleding.

4. Zorg voor structuur

Deze tip is heel fijn voor jou én je publiek: zorg ervoor dat je presentatie een duidelijk begin, middenstuk en einde heeft. Vertel van tevoren uit welke onderdelen je presentatie bestaat en zorg dat voor iedereen steeds duidelijk is in welk deel van je presentatie je bent. Vat in ieder geval aan het einde van je presentatie, maar eventueel ook per onderdeel, samen wat je hebt verteld. Maak ook een tijdsplanning per onderdeel. Als je per 5 minuten weet welke onderdelen je op dat moment  moet hebben afgerond om binnen je tijd te blijven, kun je altijd op schema blijven door het volgende onderdeel iets sneller of langzamer te doen.

5. Geef niet alles weg

Met al het bovenstaande ben je al een aardig eind op weg om je publiek aan je lippen te laten hangen. Doe dat niet teniet door alles wat je gaat zeggen al in je presentatie op het scherm neer te zetten, of aan het begin van de presentatie uit te delen als hand-out. Dan is er namelijk geen reden meer om naar je te luisteren. Je slides zijn slechts een kapstok voor jou en je luisteraars – wat eraan hangt, komt van jou. Je kunt wel van tevoren aangeven dat je na afloop een hand-out van je presentatie beschikbaar stelt, zodat mensen niet hoeven schrijven, maar goed kunnen luisteren.

 

Heb jij nog gouden tips voor het geven van presentaties? Laat het ons weten op onze Facebookpagina.